En ja hoor, met de zomer in zicht is de campagne tegen huidkanker weer van start gegaan. Ik hoorde gisteren op de radio een dermatologe haar zorg uitspreken over de toename van huidkanker.
Haar boodschap was klip en klaar, we moeten smeren, smeren en smeren, want wie te bruin wordt, heeft meer risico op huidkanker. Nee, niet alleen als je verbrandt loop je extra risico, maar ook als je te vaak in de zon komt en dus te bruin wordt. Haar advies was dan ook:”Ben voorzichtig!”

 

Taalkundig gezien knarst dat advies in mijn oren, inhoudelijk gezien denk ik wel dat zij ergens een punt heeft.
Wees voorzichtig, inderdaad we zullen voorzichtig moeten zijn met alles waar te voor staat.
De interviewer vroeg het nog even specifiek, hoe kan het nu toch zo zijn dat de incidentie van huidkanker stijgt? Komen we dan vaker buiten dan vroeger? “Inderdaad,” zei de dame in kwestie, “we komen vaker buiten dan vroeger, en met name een te frequente blootstelling aan zonlicht in de jeugd is een grote risicofactor.”
(In mijn beleving komt de jeugd juist steeds minder vaak buiten. Een groot deel van de jeugd ziet weinig tot geen zonlicht, zij bivakkeren hele dagen achter beeldschermen. Waarop de dermatologe haar conclusies baseert, weet ik niet, waarschijnlijk beschikt zij over cijfers die deze gedachte rechtvaardigen.)

 

Toch zijn er wat betreft zonnen en huidkanker ook andere geluiden te horen. Dermatoloog Han van der Ree heeft in 2010 een heel duidelijk boek geschreven met de titel: ‘Zonnen mag.’
Zijn visie is na jaren als ‘anti zon arts’ te hebben gewerkt aardig bijgesteld. Hij is nu van mening dat de zon niet de grootste vijand is van onze huid, maar dat we de zon heel hard nodig hebben.
Ik ben het helemaal met hem eens.
Han van der Ree nuanceert in zijn boek de algemeen geldende opvatting dat de zon per definitie schadelijk is. Veel hangt af van je persoonlijke omstandigheden, met als belangrijkste factor: jouw persoonlijke aanleg.

 

Misschien is het interessant om eens te kijken waarom de ene mens een donkere, en de andere mens een lichte huid heeft. In de evolutie gebeurt tenslotte alles met een reden.

 

De donkere mens vindt zijn herkomst in de gebieden rond de Evenaar. Het pigment heeft een beschermende functie, niet alleen tegen het verbranden, het pigment beschermt ook het in en onder de huid aanwezige foliumzuur, wat door zonlicht beschadigd kan worden. Foliumzuur is een belangrijke vitamine om onze genen op het rechte pad te houden. Teveel zonlicht bij een lichte huid vergroot daarom de kans op (huid)kanker.
De blanke mens is afkomstig uit de gebieden die ver van de Evenaar afliggen, zoals Scandinavië. In deze gebieden is het moeilijk om vitamine D aan te maken, omdat zonlicht alleen vitamine D maakt wanneer de zon niet al te laag staat. En in Scandinavië staat de zon nooit loodrecht op de aarde.
De mens heeft zich aangepast door de hoeveelheid pigment in huid, haren en ogen te verminderen, zodat toch UV-B in de huid kan doordringen om vitamine D aan te maken. Te weinig zonlicht en een donkere huid vergroot de kans op kanker vanwege een tekort aan vitamine D. (Deze uiterst belangrijke vitamine wordt overigens in de huid gemaakt vanuit een metaboliet van cholesterol. Een te laag cholesterol gehalte heeft daarom grote consequenties voor je lichaam.)

 

We maken in Nederland pas echt vitamine D aan vanaf eind mei/begin juni, dan staat de zon hoog genoeg. In de maanden ervoor kun je wel al wat kleur krijgen, en zelfs al verbranden. De UV-A in het zonlicht zorgt voor het verbranden en de UV-B voor de vitamine D aanmaak. Bij verbranding beschadigt de huid, en wordt het risico op huidkanker groter.
Zoals zo vaak wordt de oorzaak van een aandoening gezocht in één enkele voor de hand liggende factor, en alle andere factoren worden daarmee over het hoofd gezien. Dat is lekker overzichtelijk, maar zeker niet reëel. Het is niet ondenkbaar dat de toename van huidkanker tevens te wijten is aan een slecht voedingspatroon, stress, chemische verontreiniging of te vaak achter de computer zitten.

 

Vitamine D is niet alleen belangrijk in de kankerpreventie, maar ook voor het behoud van sterke botten, voor de energieaanmaak of voor een goede balans in de neurotransmitters (het voorkomt depressie) en nog veel meer. Wanneer we nu uit angst voor huidkanker de zon gaan mijden, of de huid helemaal dichtsmeren lopen we kans op een vitamine D tekort en allerlei andere kwalen.
Mensen met een donkere huid hebben in ons land eerder een vitamine D tekort dan de Scandinavische types. Naast verhuizen naar zuidelijke regionen is de enige manier om dat aan te vullen, het slikken van levertraan, vitamine D druppels of tabletjes.

 

De zon zorgt voor vitamine D, en één van de belangrijkste effecten van vitamine D, is het voorkomen van kanker. Maar teveel zonlicht vergroot de kans op huidkanker, en een tekort aan zon vergroot ook de kans op kanker, wat nu?

 

Moet je nu juist wel of helemaal niet smeren, en wel of niet in de zon?

 

Zoals altijd gaat het om het behouden van de balans. Het beste advies is om je huid vroeg in het seizoen langzaam aan de zon te laten wennen, hiermee loop je minder risico op verbranding en wordt het risico op huidkanker kleiner. Door in de zomermaanden regelmatig onbeschermd een kwartiertje te zonnen maakt de huid vitamine D aan. Zodra je met zonnebrandcrème smeert, belemmer je de aanmaak van vitamine D.
Smeer daarom alleen als je na het kwartiertje niet uit de zon gaat, en kijk goed welk product je op je huid smeert. Alles wat je op de huid smeert zou je ook moeten kunnen eten, want de huid neemt veel van de inhoudsstoffen op. Zoek daarom een product zonder parabenen en andere toxische bestanddelen.

 

Wil je toch langer van de zon genieten, en liever niet smeren? Door astaxantine te slikken maak je de huid minder kwetsbaar voor verbranding, maar je zult evengoed moeten opletten. Wees dus toch maar voorzichtig, kijk goed naar je eigen huidtype, maar geniet van de heilzame effecten van de zon!

 

Yvonne van Stigt; Master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

The following two tabs change content below.
Yvonne van Stigt

Yvonne van Stigt

Yvonne van Stigt wordt als evolutionair gezondheidsdeskundige veel gevraagd als spreker voor congressen en lezingen. Zij is afgestudeerd in de klinische Psycho Neuro Immunologie aan de Universiteit van Gerona (Spanje). Meer dan 20 jaar geleden gaf haar eigen lichaam aan dat er iets niet goed ging, Yvonne was chronisch moe. Omdat de onderzoeken in het medische circuit geen duidelijkheid gaven, is zijzelf op onderzoek uit gegaan. Door de verandering van haar voedingspatroon kon zij snel weer functioneren en is zij volop gaan studeren. Dit heeft geresulteerd in een vijftal boeken Bekijk de boeken en de Oerslank organisatie. Op dit moment is Yvonne directeur en hoofddocent bij het OPFG, een vernieuwende onderwijsorganisatie op het gebied van de leefstijlgeneeskunde. Wil je daar meer over weten? Neem hier een kijkje op de site van de opleiding
Yvonne van Stigt

Laatste berichten van Yvonne van Stigt (toon alles)