Wanneer je op Wikipedia zoekt op orthomoleculaire behandelwijze krijg je de volgende definitie: “Een orthomoleculaire behandelwijze is een alternatieve behandelwijze met voedingsstoffen in doseringen die vaak ver boven de aanbevolen dagelijkse hoeveelheden (ADH) uitkomen, die door de behandelaars “optimaal” worden genoemd. De behandelwijzen zijn gebaseerd op pseudowetenschappelijke aannames. De wetenschappelijke consensus is dat het nut van hoge doseringen vitaminen en mineralen onvoldoende is aangetoond.”

 

Tja, die hoge dosissen zijn niet meer van deze tijd. Dat is de ‘oldschool’ benadering. Geen wonder dat de reguliere geneeskunde niets van een orthomoleculaire aanpak wil weten.

 

Jammer genoeg dringt het nog niet door dat de moderne orthomoleculaire benadering juist probeert om de biochemie van een mens op subtiele wijze weer in balans te brengen. Althans, dat leren wij onze studenten bij het OPFG.

 

En dat de wetenschappelijke consensus is dat het niet is aangetoond dat hoge doseringen nut hebben is dus logisch. Daar ben ik het wel mee eens. Hoge doseringen hebben nu eenmaal niet altijd nut. Soms wel, maar daar zijn dan ook wel onderzoeken over te vinden. Om die dan pseudo wetenschappelijk te noemen… dat laat wel zien hoe men naar ons kijkt.

 

In hetzelfde Wikipedia artikel staat ook nog iets heel interessants. “Orthomoleculaire behandelaars hebben ook een praktisch probleem: om de principes te kunnen toepassen moeten ze eigenlijk precies weten hoe het met de hoeveelheden van allerlei micronutriënten en producten van het metabolisme in iedere individuele patiënt is gesteld. Dat is in de praktijk onmogelijk. Dit is de reden van de veel gebruikte proefbehandelingen, waarbij van een stof waarvan wordt verondersteld dat er een tekort aan bestaat een extra suppletie wordt gegeven en wordt gekeken of het helpt. Een proefbehandeling bij één patiënt is in wetenschappelijk opzicht geen gebruikelijke strategie, waarbij bovendien de patiënt en de arts allebei weten wat er wordt gegeven.”

 

Hier wordt gesteld dat het onmogelijk is om te bepalen hoe het met de individuele biochemie van het individu van het individu is gesteld. En dat is nu precies wat wij onze cursisten wel leren. Hoe kun je ontdekken wat er precies aan de hand is?

 

Er zijn vele diagnostische mogelijkheden:

  • Een anamnese, ofwel vragen stellen aan de cliënt.
  • Fysieke kenmerken die zichtbaar of voelbaar zijn (nagels, tong, huid en dergelijke).
  • Bloedonderzoek wat laat zien welke stoffen er in het bloed aanwezig zijn.
  • Urineonderzoek waarmee de hele biochemie in kaart gebracht kan worden.
  • Ontlastingsonderzoek, waarmee je kunt aantonen wat er in de spijsvertering gebeurt.
  • Inspanningstesten
  • Hartslag testen
  • Bloeddruk bepalingen etc….

 

Vervolgens wordt er gesteld dat het geven van proefbehandelingen in wetenschappelijk opzicht geen gebruikelijke strategie is.

Hmm….

 

Ik denk dat er in de artsenpraktijk heel vaak met proefbehandelingen gewerkt wordt. Wie zich meldt bij de arts met depressieve klachten zal wanneer de arts een antidepressivum besluit voor te schrijven ook gewoon beginnen met het middel wat boven aan het protocol lijstje staat. Als dat niet werkt wordt overgestapt op het volgende product om te zien of het werkt. Naar mijn idee is dat net zo goed ‘trial and error’ als wanneer een orthomoleculair behandelaar op basis van het klachtenpatroon en onderzoek besluit om magnesium in te zetten bij spierkrampen.

 

Ik moet de eerste arts nog tegenkomen die eerst onderzoek doet om te bepalen welk type antidepressivum hij moet voorschrijven. Maar hopelijk zijn die er wel en heb ik het helemaal mis.

 

Wij worden nog maar al te vaak weggezet als kwakzalvers terwijl in gesprek met artsen, zij allemaal verbaasd reageren op het niveau van onze biochemische kennis. Regelmatig wordt dan de vraag gesteld waarom deze kennis in de reguliere geneeskunde niet aangeboden wordt.

 

De moderne Orthomoleculaire geneeskunde gooit niet meer met hoge dosissen supplementen. Een te hoge dosis vitaminen kunnen (net zoals te hoge doses medicijnen) problemen geven. Een teveel vitamine D of vitamine B12 kan zorgen voor een tekort aan kalium, een teveel aan ascorbinezuur kan zorgen voor het ontstaan van nierstenen, een teveel aan vitamine B6 kan zorgen voor neuropathie, een te hoge dosis magnesium kan zorgen voor diarree.. Maar dat hoeft allemaal niet, dat hangt helemaal af van de individuele biochemie. Weet dat meer niet altijd beter is!

 

In de orthomoleculaire geneeskunde gebruiken we een uitgebalanceerd individueel voedingspatroon als basis voor een gezond metabolisme. Niet iedereen krijgt het advies om ketogeen te gaan eten, net zo min als we adviseren dat de schijf van vijf voor iedereen gezond is.

 

Daarnaast zullen wij op zoek gaan naar de oorzaken van de verstoringen. En die kunnen liggen in een verstoord slaappatroon, stress, een toxische belasting of nog vele andere factoren. En dan kunnen we met behulp van individuele lifestyleadviezen en/of suppletie iemand weer in balans brengen.

 

Het oplossen van een persoonlijke puzzel doe je niet op basis van epidemiologisch onderzoek, dat kan alleen met voldoende kennis van de biochemische systemen van het lichaam. Die kennis vind je bij het OPFG. We hebben daar woensdagavond 22 augustus een open avond. Je kunt je daar nog voor inschrijven!

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

The following two tabs change content below.
Yvonne van Stigt

Yvonne van Stigt

Yvonne van Stigt wordt als evolutionair gezondheidsdeskundige veel gevraagd als spreker voor congressen en lezingen. Zij is afgestudeerd in de klinische Psycho Neuro Immunologie aan de Universiteit van Gerona (Spanje). Meer dan 20 jaar geleden gaf haar eigen lichaam aan dat er iets niet goed ging, Yvonne was chronisch moe. Omdat de onderzoeken in het medische circuit geen duidelijkheid gaven, is zijzelf op onderzoek uit gegaan. Door de verandering van haar voedingspatroon kon zij snel weer functioneren en is zij volop gaan studeren. Dit heeft geresulteerd in een vijftal boeken Bekijk de boeken en de Oerslank organisatie. Op dit moment is Yvonne directeur en hoofddocent bij het OPFG, een vernieuwende onderwijsorganisatie op het gebied van de leefstijlgeneeskunde. Wil je daar meer over weten? Neem hier een kijkje op de site van de opleiding
Yvonne van Stigt

Laatste berichten van Yvonne van Stigt (toon alles)