Mijn grootouders aten elke dag hetzelfde, elke dag brood, melk, aardappelen, groenten en fruit van het seizoen en af en toe wat vlees. Dat deden zij niet omdat het wetenschappelijk bewezen was, of omdat de dokter zei dat het gezond was, maar omdat ze niet anders gewend waren, en er niets anders was. In de oorlog was er zelfs niks, en aten ze tulpenbollen.

 

Na de oorlog zijn mijn ouders, net als de rest van Nederland, langzaamaan hun voedingsgewoonten gaan veranderen. Niet omdat het wetenschappelijk bewezen was, maar simpelweg omdat het er was. We zijn in de jaren 70 in contact gekomen met andere voeding, zoals macaroni en spaghetti. Wij aten dat vroeger met tomatenpuree, hamblokjes en pindasaus. Ik moet er nu niet meer aan denken.
Alle veranderingen in ons voedselpatroon zijn samengegaan met veranderingen in ons leefpatroon. We zijn steeds minder gaan bewegen, en aan meer nieuwe stressprikkels bloot komen te staan. Je zou kunnen zeggen dat we in een evolutionaire sneltreinvaart onze wereld op zijn kop gezet hebben.
Tegelijk met al die veranderingen zijn de welvaartsziekten ontstaan, samen met allergieën, overgevoeligheden en een enorme toename van ADHD en autisme.

 

Er wordt aan alle kanten onderzoek gedaan naar de oorzaak van onze welvaartsaandoeningen. We hopen te kunnen ontdekken dat er één stofje verantwoordelijk is voor het ontstaan van zo’n ziektebeeld. We zijn naarstig opzoek naar die ene ‘magic bullet’.
Zo wordt er onderzocht of je van aspartaam, net als van roken kanker krijgt. Er wordt onderzocht of fructose de oorzaak is van diabetes, en of het eten van vlees mensen agressief maakt.
Misschien zijn alle toevoegingen in het eten om het langer houdbaar en ‘smakelijker’ te maken wel medeverantwoordelijk voor het ontstaan van allerlei allergieën en overgevoeligheden. We weten het niet zeker, er zijn wel vermoedens.
De uitslagen van al die onderzoeken zijn natuurlijk niet eenduidig, omdat de welvaartsaandoeningen altijd een multi-factoriële oorzaak hebben. De onderzoeken worden wel door voor- en tegenstanders gebruikt om elkaar mee om de oren te slaan.

 

Het is een vergissing om te denken dat de uitkomst van wetenschappelijk onderzoek altijd en voor iedereen gezien kan worden als waarheid. Wanneer er onderzoek gedaan wordt naar de effectiviteit van een geneesmiddel is er altijd een groep bij wie het middel werkt, een groep bij wie het middel een beetje werkt en een groep bij wie het niets doet. Je kunt daarom de uitslag van zo’n onderzoek nooit op het individu betrekken. Jij als unieke mens zal in één van de drie groepen vallen. Zo’n onderzoek zegt alleen iets over de kans van effectiviteit voor een groep in een specifieke situatie.

 

Bij onderzoek over voedingsgewoonten is het net zo. Als uit een onderzoek blijkt dat mensen na het eten van zes boterhammen met hagelslag per dag gedurende twee weken geen diabetes ontwikkelen, kun je daaruit voor jezelf geen conclusies trekken. Zo’n onderzoek laat alleen zien hoe de gemiddelde bloedsuikerspiegel van de betreffende groep mensen gedurende die periode reageert op het eten van zes bruine boterhammen met hagelslag.

 

Als ik dagelijks zes bruine boterhammen met hagelslag zou eten is het heel waarschijnlijk dat ik me daar niet zo lekker bij zou voelen. Ondanks dat ik die boterhammen met hagelslag misschien wel lekker zou vinden, weet ik zeker dat ik buikpijn zou krijgen, dat ik me heel duf, moe en depressief zou gaan voelen, en dat mijn weegschaal aan het einde van die periode alarm zou slaan.
Dat is wat zo’n voedingspatroon met mij doet, maar dat zegt niets over wat het met jou doet.
Als je gewend bent aan zo’n manier van eten heb je misschien niet eens in de gaten dat je van zes boterhammen met hagelslag ziek, vermoeid en depressief kunt zijn. Sterker nog, je wilt er waarschijnlijk niet aan denken om die klachten aan die lekkere en ‘gezonde’ bruine boterhammen toe te schrijven. Stel je voor, het is toch gezond?
Totdat je geprobeerd hebt om je voeding te veranderen zul je niet weten hoe het voor jou werkt. Alle adviezen van deskundigen zijn gebaseerd op ervaringen van anderen, en die hoeven voor jou niet te werken.

 

Mijn advies is dan ook, luister naar je lichaam, en kijk wat er voor jou werkt. Heb je nooit ergens last van en ben je fit en vitaal? Blijf dan doen wat je tot nu toe doet! Heb je lichamelijke klachten? Dan laat je lichaam je zien dat er ergens iets niet gaat zoals het zou moeten. Dan is er reden om op zoek te gaan, en eens iets in je voedingspatroon te veranderen, ook al hebben deskundigen je verteld dat zes bruine boterhammen goed voor je zijn.

 

P.S. Die bruine boterhammen zijn maar een voorbeeld hoor, ik wil niet beschuldigd worden van het demoniseren van brood.

 

Yvonne van Stigt; Master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

The following two tabs change content below.
Yvonne van Stigt

Yvonne van Stigt

Yvonne van Stigt wordt als evolutionair gezondheidsdeskundige veel gevraagd als spreker voor congressen en lezingen. Zij is afgestudeerd in de klinische Psycho Neuro Immunologie aan de Universiteit van Gerona (Spanje). Meer dan 20 jaar geleden gaf haar eigen lichaam aan dat er iets niet goed ging, Yvonne was chronisch moe. Omdat de onderzoeken in het medische circuit geen duidelijkheid gaven, is zijzelf op onderzoek uit gegaan. Door de verandering van haar voedingspatroon kon zij snel weer functioneren en is zij volop gaan studeren. Dit heeft geresulteerd in een vijftal boeken Bekijk de boeken en de Oerslank organisatie. Op dit moment is Yvonne directeur en hoofddocent bij het OPFG, een vernieuwende onderwijsorganisatie op het gebied van de leefstijlgeneeskunde. Wil je daar meer over weten? Neem hier een kijkje op de site van de opleiding
Yvonne van Stigt

Laatste berichten van Yvonne van Stigt (toon alles)